Verrekening geldsommen met melkgeld: mag dat?

verrekening geldsommen

In het kader van het fosfaatreductieplan zijn veel geldsommen − een soort van boetes − aan veehouders opgelegd. De overheid verrekent deze geldsommen met het melkgeld. Maar kan dat eigenlijk wel zomaar?

Deze kwestie komt soms aan bod in de rechtspraak. Zo ook in een uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven van 23 juni 2020. Ik vertel u er graag meer over.

Fosfaatreductieplan

In 2017 trad het fosfaatreductieplan in werking. Als rundveehouder moest u vanaf dat moment uw veestapel in overeenstemming brengen met het opgelegde referentieaantal. Indien u hier niet aan voldeed, kon u een geldsom opgelegd krijgen. Deze geldsommen varieerden van enkele honderden tot wel tienduizenden euro’s. De geldsommen werden vervolgens verrekend met het melkgeld.

Wat zegt de wet?

In de wet zijn verschillende regelingen opgenomen met betrekking tot verrekening. Zo geldt er een bijzondere regeling voor bestuursrechtelijke geldschulden. Dit is een vrij ruime regeling, maar voorwaarde is wel dat zowel de schuld als de vordering bestuursrechtelijk van aard is. Denk bijvoorbeeld aan de situatie dat u als veehouder te veel subsidie heeft gekregen en dat de minister dit verrekent met de volgende keer dat uw subsidiebedrag wordt uitgekeerd.

De geldsom vanuit het fosfaatreductieplan is duidelijk een bestuursrechtelijke geldschuld, maar dat geldt niet voor het melkgeld. Het melkgeld is namelijk de vordering die u heeft op grond van een contract met uw melkfabriek, bijvoorbeeld FrieslandCampina. Dit is dus een privaatrechtelijke vordering van de veehouder op de melkfabriek. Zoals de rechter in de uitspraak van 23 juni 2020 terecht aangaf, is dan de bijzondere bestuursrechtelijke regeling niet van toepassing. De bestuursrechter kan hier dus niet over oordelen.

Wanneer een veehouder wenst dat een rechter oordeelt over de vraag of de verrekening is toegestaan, dan zal de veehouder deze vraag voor moeten leggen aan de burgerlijke rechter.

Dan rest vervolgens de vraag hoe de burgerlijke rechter zal gaan oordelen. Het komt dan aan op de beoordeling door de burgerlijke rechter van de algemene verrekeningsbevoegdheid van artikel 6:127 Burgerlijk Wetboek. Een van de voorwaarden is dat zowel de vordering als de schuld betrekking moet hebben op hetzelfde vermogen. En daar is hier waarschijnlijk niet aan voldaan. Immers, de geldsommen komen niet in het vermogen van de melkfabriek terecht, terwijl het melkgeld wel uit dit vermogen wordt betaald. De burgerlijke rechter zal dus waarschijnlijk oordelen dat verrekening niet is toegestaan.

Bredere toepassing

Overigens geldt hetzelfde voor bestuursrechtelijke boetes die zijn opgelegd in verband met overschrijding van het fosfaatquotum dat op 1 januari 2018 is ingevoerd. De minister kan boetes opleggen indien u als veehouder meer dieren houdt dan u mag houden op basis van uw fosfaatrechten. Ook deze boete betreft een bestuursrechtelijke geldschuld. De verrekening met het melkgeld stuit dan op dezelfde bezwaren. Bij grove overtredingen kan ook voor strafrechtelijke handhaving worden gekozen. Dan gaat het niet om een bestuursrechtelijke geldschuld. De burgerlijke rechter zal dan echter wederom oordelen dat verrekening niet is toegestaan, omdat het hier verschillende partijen betreft.

Grote gevolgen?

Het valt te bezien of er grote gevolgen zijn verbonden aan de uitspraak van de burgerlijke rechter indien hij oordeelt dat verrekening met het melkgeld niet mag. In feite betekent het slechts uitstel van executie. Het innen van de geldsommen zal dan niet meer plaatsvinden via verrekening, maar door middel van een apart opgelegd invorderingsbesluit.

Vragen?

Heeft u vragen over dit onderwerp? Ik help u graag verder. Neem contact op met uw acconavm adviseur of met mij en mijn collega’s van juridisch advies via juristen@acconavm.nl.

Marvin Gerritsen
Marvin Gerritsen (Junior Juridisch Adviseur)
Marvin Gerritsen is Junior Juridisch Adviseur en werkt sinds 2018 voor accon■avm. Zijn studieachtergrond: bedrijfseconomie en rechten. Dankzij deze stevige basis is Marvin multi-inzetbaar. Hij richt zich op agrarisch recht, ondernemingsrecht, verbintenissenrecht en bestuursrecht. Marvin blinkt uit in betrokkenheid, specialistische én algemene vakkennis. Een aanwinst voor elke ondernemer!



<< terug naar overzicht